
Het gaat niet goed. En toch maak ik plannen.
Over depressie, zingeving en het zoeken naar perspectief wanneer de dagen vooral bestaan uit overleven.
Er gebeurt momenteel ontzettend veel in mijn leven. Ik schrijf aan een boek. Ik heb onlangs mijn eigen website gelanceerd. Ik ben bezig met het opzetten van een lotgenotencommunity, doe vrijwilligerswerk en heb mij afgelopen week ingeschreven voor de bachelor Psychologie aan de Open Universiteit.
Als ik het zo achter elkaar opschrijf, klinkt het bijna alsof ik bruis van de energie. Alsof ik vol enthousiasme nieuwe uitdagingen aanga, mijn leven steeds verder vormgeef en met vertrouwen naar de toekomst kijk. En ergens begrijp ik dat beeld wel. Maar de werkelijkheid is een stuk ingewikkelder. Want het gaat momenteel helemaal niet goed met mij. Sterker nog, de depressie waar ik al langere tijd mee worstel, is ontzettend sterk aanwezig. En ik merk dat het steeds moeilijker wordt om mij staande te houden.
Er zijn dagen waarop ik nauwelijks van de bank af kom. Waarop douchen, eten, het huishouden bijhouden of überhaupt beginnen aan de dag voelt als een enorme opgave. Mijn zelfzorg schiet tekort, structuur ontbreekt regelmatig en de meest vanzelfsprekende dingen vragen soms meer energie dan ik kan opbrengen.
Ik voel mij vaak somber, leeg en uitgeput. De dagen lopen in elkaar over. Mijn wereld wordt steeds kleiner en het lukt mij steeds minder goed om ergens plezier, voldoening of betekenis uit te halen. En tegelijkertijd ben ik dus bezig met al die plannen. Een tegenstelling die misschien moeilijk te begrijpen is. Maar voor mij hebben die twee werelden alles met elkaar te maken.
Als de toekomst steeds verder verdwijnt
Wat ik misschien nog wel het moeilijkst vind aan mijn depressie, is het gebrek aan perspectief. Natuurlijk is er de somberheid. De vermoeidheid. Het gebrek aan motivatie. De moeite om dagelijkse taken uit te voeren. Maar wat mij vooral raakt, is hoe de depressie mijn vermogen aantast om vooruit te kijken. Alsof mijn leven steeds meer beperkt raakt tot de dag van vandaag. En wanneer vandaag ontzettend zwaar voelt, is het beangstigend als morgen niet wezenlijk anders lijkt.
Ik heb de afgelopen tijd regelmatig met mijn psycholoog gesproken over mijn behoefte aan zingeving. Over het gevoel dat ik iets nodig heb om naartoe te leven. Niet alleen iets om mijn dagen mee te vullen, maar iets wat mij het gevoel geeft dat mijn leven ergens naartoe beweegt.
Want hoe houd je jezelf staande wanneer je nauwelijks nog iets hebt om naar uit te kijken?
Ik merk dat ik daar steeds meer in vastloop. En dus ben ik gaan zoeken. Naar mogelijkheden. Naar bezigheden. Naar dingen die mij misschien weer een klein beetje enthousiasme kunnen geven. Naar manieren om iets op te bouwen, ook wanneer het mij nauwelijks lukt om mijn dagelijkse leven draaiende te houden. Niet omdat ik denk dat ik mezelf daarmee uit een depressie kan halen. Was het maar zo eenvoudig. Maar omdat ik iets nodig heb om mij aan vast te houden.
Schrijven geeft woorden aan wat soms niet te verdragen voelt
Een van de belangrijkste dingen die mij momenteel houvast geven, is schrijven. Ik ben nog steeds volop bezig met mijn boek. Een persoonlijk verhaal over mijn leven, trauma, seksueel misbruik, de psychiatrie, grensoverschrijdingen binnen de hulpverlening, moederschap en herstel.
Het schrijven ervan is allesbehalve gemakkelijk. Soms confronteer ik mezelf met herinneringen die ontzettend pijnlijk zijn. Soms schrijf ik over gebeurtenissen waarvan ik nog steeds nauwelijks kan bevatten dat ze onderdeel zijn van mijn levensverhaal. En soms ontdek ik tijdens het schrijven gevoelens of verbanden waar ik eerder nog niet op die manier bij stil had gestaan.
Maar schrijven geeft mij ook iets terug. Het helpt mij om gedachten te ordenen. Om woorden te vinden voor ervaringen die lange tijd nauwelijks bespreekbaar waren. Om mijn eigen verhaal beter te begrijpen. En misschien nog wel belangrijker: het geeft mij een stukje regie. Ik bepaal zelf welke woorden ik gebruik. Welke betekenis ik aan mijn ervaringen geef. Wat ik wil delen en wat ik voor mezelf houd. Waar ik mij in mijn leven regelmatig machteloos heb gevoeld, kan ik op papier zelf richting geven aan mijn verhaal.
Dat betekent niet dat schrijven altijd goed voelt. Soms kost het ontzettend veel energie. Soms raakt het mij meer dan ik van tevoren verwacht. En soms moet ik mezelf juist begrenzen. Maar het geeft mij wel voldoening. Het gevoel dat ik ergens aan werk. Dat ik iets creëer. Dat mijn ervaringen misschien uiteindelijk ook iets voor anderen kunnen betekenen.
Van mijn eigen verhaal naar verbinding met anderen
Die behoefte om ervaringen om te zetten in iets betekenisvols, speelt ook een grote rol bij mijn Instagramaccount en inmiddels mijn eigen website. Onlangs lanceerde ik www.verbondendoortrauma.nl. Een plek waar ik uitgebreider kan schrijven over trauma, psychische klachten, herstel en alles wat daarbij komt kijken. Waar ik informatie kan delen, maar ook mijn persoonlijke gedachten, ervaringen en reflecties.
Daarnaast wil ik ruimte bieden aan de verhalen van anderen. Want hoewel iedere ervaring anders is, geloof ik dat herkenning ontzettend waardevol kan zijn. Er zijn zoveel mensen die zich alleen voelen in wat zij hebben meegemaakt. Die worstelen met schaamte, schuldgevoelens of het idee dat niemand werkelijk begrijpt wat er in hen omgaat. En soms kunnen de woorden van een ander net dat stukje erkenning geven dat je zelf zo gemist hebt.
Vanuit diezelfde gedachte ben ik bezig met het opzetten van een lotgenotencommunity. Samen met een medebeheerder bereid ik een eerste proefgroep voor, waarin maximaal twaalf mensen met elkaar in contact kunnen komen rondom trauma en herstel. We beginnen bewust klein. Om te onderzoeken wat werkt, hoe we een veilige en respectvolle groepsomgeving kunnen bevorderen en wat deelnemers nodig hebben.
Daarnaast ben ik sinds kort vrijwilliger als buddy bij ISA Power Recovery, waar ik vanuit mijn eigen ervaringen met eetstoornissen en herstel ondersteuning mag bieden aan iemand anders. En ik merk dat juist dat laatste mij ontzettend veel voldoening geeft. Niet omdat ik zelf inmiddels alles op orde heb. Verre van zelfs. Maar omdat je niet volledig hersteld hoeft te zijn om iets voor een ander te kunnen betekenen. Mijn eigen ervaringen zijn niet uitsluitend iets waar ik onder gebukt ga. Ze kunnen, binnen passende grenzen, ook van waarde zijn. En dat voelt betekenisvol.
Een droom die ik steeds voor me uit bleef schuiven
En dan is er nog iets. Afgelopen week heb ik mij ingeschreven voor de bachelor Psychologie aan de Open Universiteit. Een wens die al ontzettend lang bestaat. Ik heb in het verleden hbo-Verpleegkunde gestudeerd en heb altijd veel belangstelling gehad voor psychologie, menselijk gedrag en de geestelijke gezondheidszorg. Toch bleef ik het idee van een universitaire studie voor me uitschuiven.
Want hoe zou ik dat moeten combineren met het moederschap? Met mijn psychische kwetsbaarheid? Mijn draagkracht? De financiële kant? En misschien nog wel de grootste vraag: ben ik hier eigenlijk wel toe in staat?
Ik zag vooral de onmogelijkheden. Totdat ik mij realiseerde dat ik helemaal niet vooraf hoef te weten of het mij lukt om die volledige opleiding af te ronden. Ik hoef nu alleen te onderzoeken of ik eraan kan beginnen. De Open Universiteit biedt mij de mogelijkheid om grotendeels vanuit huis en op mijn eigen tempo te studeren. Ik kan per vak bekijken wat haalbaar is en mijn studie aanpassen aan mijn omstandigheden. Misschien doe ik er veel langer over dan gebruikelijk. Misschien ontdek ik dat ik tijdelijk minder aankan dan ik zou willen. Misschien moet ik onderweg mijn plannen bijstellen. Dat weet ik allemaal nog niet. Maar voor het eerst in lange tijd voel ik bij het idee van mijn toekomst ook weer iets anders dan uitsluitend onzekerheid en somberheid. Een klein beetje enthousiasme. En dat is voor mij op dit moment ontzettend waardevol.
En ondertussen gaat het gewone leven gewoon door
Bij al die plannen zou ik bijna vergeten dat er natuurlijk ook nog een heel gewoon dagelijks leven is. Ik ben moeder. Ik speel korfbal. Ik heb een huishouden dat onderhouden moet worden, boodschappen die gedaan moeten worden en een hond die iedere dag naar buiten wil. Daarnaast heb ik therapie en andere afspraken binnen de hulpverlening. Er zijn veel dingen die aandacht vragen, juist omdat het psychisch momenteel zo slecht gaat. En eerlijk gezegd lukt het allemaal lang niet.
Soms blijft de was liggen. Soms lukt het mij niet om goed voor mezelf te zorgen. Soms ben ik al uitgeput voordat de dag werkelijk begonnen is. En soms kan ik uren bezig zijn met schrijven of het uitwerken van een nieuw idee, terwijl het mij diezelfde dag niet lukt om een eenvoudige huishoudelijke taak uit te voeren. Ook dat kan tegenstrijdig lijken. Maar de energie om iets te doen wat betekenis geeft, is niet altijd dezelfde energie die nodig is om alle dagelijkse verplichtingen vol te houden. Bovendien kunnen bezigheden die voldoening geven mij tijdelijk helpen om mijn aandacht ergens anders op te richten. Terwijl de taken die moeten gebeuren soms juist extra zwaar voelen. Dat neemt niet weg dat ook die leuke en betekenisvolle dingen energie kosten. En dat ik nog moet leren om daarin een balans te vinden.
Want ik kan wel ontzettend veel willen, maar mijn draagkracht verandert daar niet automatisch door.
Niet alles wat eruitziet als vooruitgang, betekent dat het beter gaat
Ik denk dat dit misschien wel de belangrijkste reden is waarom ik hierover wil schrijven. Omdat we soms zo snel conclusies trekken op basis van wat we aan de buitenkant zien. Iemand begint aan een studie en we denken dat diegene weer toekomstperspectief heeft. Iemand start nieuwe projecten en we denken dat er blijkbaar voldoende energie is. Iemand sport, lacht, schrijft of is actief op sociale media en we nemen aan dat het psychisch wel meevalt.
Maar zo eenvoudig is het niet. Psychisch lijden laat zich niet altijd aflezen aan iemands activiteiten. Ik kan oprecht enthousiast zijn over mijn plannen en mij tegelijkertijd ontzettend depressief voelen. Ik kan een fijne korfbaltraining hebben gehad en later diezelfde avond weer volledig vastlopen in mijn somberheid. Ik kan een waardevol gesprek voeren met iemand anders, terwijl ik zelf nauwelijks weet hoe ik de volgende dag moet doorkomen. En ik kan verlangen naar een toekomst, terwijl het heden soms bijna ondraaglijk zwaar voelt.
Het één sluit het ander niet uit.
Misschien zijn we gewend om herstel te zien als een soort stijgende lijn. Waarbij iemand steeds meer aankan, steeds actiever wordt en langzaam weer een normaal leven opbouwt. Maar mijn werkelijkheid is veel grilliger. Soms kan ik ontzettend veel ideeën hebben, terwijl ik nauwelijks tot uitvoering kom. Soms voel ik even enthousiasme, om een paar uur later weer volledig overspoeld te worden door somberheid.
En soms is mijn grootste prestatie van de dag simpelweg dat ik de dag ben doorgekomen.
Houvast is niet hetzelfde als herstel
Ik wil ook benadrukken dat alles wat ik momenteel onderneem geen oplossing is voor mijn depressie. Schrijven geneest mij niet. Een studie beginnen neemt mijn psychische klachten niet weg. En iets voor anderen betekenen maakt mijn eigen pijn niet automatisch minder.
Ik heb nog steeds behandeling nodig. Ik heb nog steeds ondersteuning nodig. En er zijn nog steeds ontzettend veel momenten waarop ik niet goed weet hoe ik mezelf staande moet houden. Maar ik probeer wel te onderzoeken wat mij kan helpen om de dagen iets draaglijker te maken. Wat mij een gevoel van betekenis geeft. Wat ervoor zorgt dat mijn wereld niet uitsluitend bestaat uit mijn klachten en alles wat ik heb meegemaakt.
En misschien is dat ook iets waar ik mezelf regelmatig aan moet herinneren: ik hoef niet eerst volledig hersteld te zijn voordat ik weer dromen mag hebben. Ik mag plannen maken terwijl ik depressief ben. Ik mag enthousiast worden over iets nieuws, terwijl ik op andere momenten nauwelijks iets kan voelen. Ik mag iets voor anderen willen betekenen, terwijl ik zelf hulp nodig heb. En ik mag mijn plannen aanpassen of tijdelijk loslaten wanneer ze toch te veel blijken te zijn. Want ook daarin wil ik leren om wat milder voor mezelf te zijn.
Voor nu is dat genoeg
Ik weet niet hoe de komende maanden eruit gaan zien. Ik weet niet wanneer de depressie minder zwaar zal worden. Of hoeveel energie ik daadwerkelijk zal hebben om mijn plannen uit te voeren. Misschien gaat het schrijven aan mijn boek langzaam. Misschien kost het opbouwen van de website en de lotgenotencommunity meer tijd dan ik nu voor ogen heb. Misschien ontdek ik dat ik mijn studie in een veel lager tempo moet volgen dan ik eigenlijk zou willen.
Dat mag.
Ik hoef niet alles tegelijk te kunnen. En ik hoef ook niet voortdurend productief te zijn om mijn bestaan betekenisvol te maken. Maar ik wil mezelf wel de ruimte geven om ergens naar uit te kijken. Om dromen te blijven hebben. Om iets te creëren wat verder reikt dan de dag van vandaag. Niet omdat het goed gaat. Niet omdat ik de depressie daarmee achter me laat. Maar omdat ik midden in die depressie probeer vast te houden aan het idee dat mijn leven ook nog uit andere dingen mag bestaan.
Dat ik kan worstelen met vandaag en tegelijkertijd mag verlangen naar morgen.
En misschien is dat voorlopig precies wat ik nodig heb. Geen groot herstelverhaal. Geen bewijs dat het beter gaat. Geen verplichting om al mijn plannen waar te maken. Alleen een klein beetje perspectief. Iets om naartoe te leven. En voor nu betekent dat ontzettend veel.
Liefs, Manèl

Super helder omschreven, en heel herkenbaar. Mooi hoe je blijft zoeken naar een voor jou haalbare balans tussen acceptatie, dromen, doelen, functioneren en jezelf rust/ruimte gunnen.
Dapper bezig <3